Onafhankelijke kennis over NEN 3140-inspecties, keuringen en bedrijfsvoering Normupdates per e-mailStel een vraag

Inspecties

Inspectie van schakel- en verdeelinrichtingen

Norm NEN 3140 / NEN-EN-IEC 61439

Schakel- en verdeelinrichtingen zijn de knooppunten van een elektrische installatie. Hier komen voedingen samen, zitten de beveiligingen en wordt geschakeld. Een gebrek in een verdeelkast raakt daardoor vaak een groot deel van de installatie, en problemen als losse verbindingen of overbelasting komen hier het eerst aan het licht. Het is ook een plek waar bij werkzaamheden een verhoogd risico op een vlamboog bestaat.

Wanneer worden verdeelinrichtingen geïnspecteerd?

Verdeelinrichtingen zijn een vast onderdeel van de periodieke inspectie van de installatie volgens NEN 3140. Daarnaast is een gerichte inspectie zinvol:

  • bij aanwijzingen voor problemen, zoals een warme of ruikende kast, onverklaarbaar uitschakelende beveiligingen of verkleuring;
  • na een wijziging of uitbreiding van de kast;
  • bij overname van een installatie, als onderdeel van een nulmeting;
  • voor kasten in zware omstandigheden: stof, vocht, trillingen of hoge omgevingstemperatuur.

Wat wordt er gecontroleerd?

Visuele inspectie

De inspecteur kijkt onder meer naar:

  • Afdekkingen en aanrakingsveiligheid. Zijn alle afdekplaten, blindstroken en deuren aanwezig en gesloten? Ontbrekende afdekkingen maken spanningvoerende delen bereikbaar.
  • Aanduidingen. Zijn groepen, schakelaars en de kast zelf duidelijk gemerkt, en kloppen ze met het schema?
  • Toegankelijkheid. Is de kast vrij bereikbaar, staat er niets voor en is er voldoende ruimte om veilig te werken?
  • Vervuiling en vocht. Stof, vuil en condens verminderen de isolatie en belemmeren de warmteafvoer.
  • Verkleuring en oververhitting. Verkleurde aansluitingen, gesmolten isolatie of brandsporen wijzen op een slechte verbinding of overbelasting.
  • Ondeskundige wijzigingen. Bijgeplaatste componenten zonder ruimte, dubbel aangesloten klemmen of onjuiste kabeldiameters.

Metingen en beproevingen

Bij de metingen gaat het om de beschermende functies: doorgaande verbinding van beschermingsleidingen, isolatieweerstand, werking van aardlekschakelaars en de impedantie van de foutstroomkring, zodat beveiligingen bij een fout tijdig afschakelen. Welke metingen per kast nodig zijn, bepaalt het inspectieplan.

Thermografie

Een warmtebeeldcamera maakt warme verbindingen en overbelaste componenten zichtbaar terwijl de kast onder belasting staat. Het is een waardevolle aanvulling op de inspectie, maar geen vervanging van de metingen. Zie thermografie voor de voorwaarden.

Instellingen en selectiviteit

Bij grotere installaties zijn instelbare beveiligingen gebruikelijk, zoals vermogensschakelaars met instelbare beveiligingskarakteristiek. Controleer of de instellingen overeenkomen met het ontwerp en de documentatie. Een onjuiste instelling kan betekenen dat bij een fout niet de dichtstbijzijnde beveiliging afschakelt maar een hoger gelegen schakelaar, met uitval van een groter deel van de installatie. De selectiviteit volgt uit het ontwerp; bij een inspectie wordt vooral gekeken of daarvan ongemerkt is afgeweken.

Nieuwe of gewijzigde kasten: NEN-EN-IEC 61439

Voor de bouw van schakel- en verdeelinrichtingen geldt de normenreeks NEN-EN-IEC 61439. Deel 1 bevat de algemene regels; andere delen gaan over specifieke typen, zoals deel 2 voor vermogensschakel- en verdeelinrichtingen en deel 3 voor verdeelinrichtingen die door leken kunnen worden bediend. De norm onderscheidt de ontwerpverificatie, die aantoont dat het ontwerp voldoet, en de stukverificatie, waarmee de kastenbouwer elke afzonderlijke kast controleert.

Voor u als gebruiker betekent dit: vraag bij een nieuwe of ingrijpend gewijzigde kast om de documentatie waaruit blijkt dat aan de norm is voldaan. Bij een wijziging moet worden beoordeeld of de kast nog binnen het oorspronkelijke ontwerp blijft, bijvoorbeeld wat betreft warmteontwikkeling en kortsluitvastheid. Aanleg en oplevering vallen onder NEN 1010.

Goed om te weten SCIOS heeft per 1 mei 2026 informatieblad IB29 Schakel- en verdeelinrichtingen toegevoegd aan de certificatieregeling. Volgens SCIOS is het een omvangrijk informatieblad met achtergrondkennis voor inspecteurs. Het is een informatieblad, geen nieuwe inspectienorm.

Veilig werken aan de kast

Wie een verdeelkast opent om te inspecteren of te meten, werkt in de nabijheid van spanning of zelfs onder spanning. Dat vraagt een aanwijzing, een passende werkmethode en persoonlijke beschermingsmiddelen. Lees daarover ook vlamboogrisico beoordelen en beschermen.

Veelgestelde vragen

Mag een eigen monteur een groep bijplaatsen in een bestaande verdeelkast?

Dat kan, mits hij daarvoor is aangewezen en vakbekwaam is, en de wijziging past binnen het ontwerp van de kast. Let op beschikbare ruimte, warmteafvoer, kortsluitvastheid en de beveiliging van de voeding. Werk na de wijziging het schema en de groepenverklaring bij.

Wat is het verschil tussen een hoofdverdeler en een onderverdeler bij de inspectie?

De werkwijze is gelijk, maar bij een hoofdverdeler zijn de stromen en kortsluitvermogens hoger en is uitschakelen vaak lastiger, omdat het hele gebouw ervan afhangt. Daardoor wegen thermografie, de staat van hoofdschakelaars en de veiligheid van de werkzaamheden zwaarder. Plan uitschakelmomenten ruim vooraf.

Hoe vaak moeten verdeelinrichtingen worden geïnspecteerd?

Er is geen vaste wettelijke termijn. De verdeelinrichtingen worden meestal meegenomen in de periodieke inspectie van de installatie, met een termijn die volgt uit een risicobeoordeling. Kasten in een stoffige, vochtige of zwaar belaste omgeving kunnen aanleiding zijn om vaker of aanvullend te inspecteren, bijvoorbeeld met thermografie.